De opvattingen over intersekse personen zijn een belangrijk aspect van sociale acceptatie en gelijkheid in de samenleving. Intersekse personen zijn mensen die zijn geboren met een lichaam dat niet overeenkomt met het beeld dat de meeste mensen hebben van man of vrouw. Net als alle andere mensen hebben intersekse mensen een seksuele oriëntatie en een genderidentiteit. Bij heel veel intersekse mensen komt de genderidentiteit overeen met het toegekende geslacht en heel vaak hebben zij een heteroseksuele oriëntatie. Recent onderzoek laat zien dat naar schatting 0,3 procent van de Nederlandse bevolking van 15 jaar en ouder intersekse is, wat neerkomt op 45 duizend Nederlanders.
De figuur laat zien hoeveel volwassenen positief, neutraal of negatief staan ten opzichte van intersekse personen.
Sociale acceptatie van intersekse personen
In procenten
Bovenstaande figuur biedt inzicht in de algemene houding van de Nederlandse bevolking ten opzichte van intersekse personen. De figuur laat zien dat bijna drie kwart (72%) van een representatieve steekproef van de Nederlandse bevolking een positieve houding heeft ten opzichte van intersekse personen. Dit percentage is een stuk lager dan de houding ten opzichte van homoseksualiteit (86%) en aseksualiteit (82%), maar ongeveer gelijk aan de houding ten opzichte van transgender personen (71%).
| Oordeel | 2024 |
|---|---|
| positief | 72 |
| neutraal | 23 |
| negatief | 5 |
Bron: Panteia, Movisie & Ipsos I&O. (2024). Lhbtiqa+-monitor 2024. Zoetermeer: Panteia.
Definitie:
De maat is berekend op basis van zeven stellingen over intersekse. Antwoorden op de stellingen zijn gegeven op een vijfpuntsschaal (1 = helemaal mee eens; 2 = mee eens; 3 = niet mee eens, niet mee oneens; 4 = mee oneens; 5 = helemaal mee oneens; 6 = zeg ik liever niet; 7 = weet ik niet; 8 = nog nooit over nagedacht). Antwoordopties 6, 7 en 8 zijn als ontbrekende waarde gecodeerd. Dit betekent dat de personen die liever geen antwoord geven of aangeven het niet te weten of er nog nooit over nagedacht te hebben, niet zijn opgenomen in deze figuur. Van de ontbrekende waarden zijn de gemiddelden geïmputeerd. De vragen zijn zo gecodeerd dat een hogere score duidt op een positievere houding (minimum = 1, maximum = 5). Vervolgens is de totale gemiddelde schaalscore op de stellingen onderverdeeld in de groepen ‘zeer negatief’ (1,00-1,49), ‘negatief’ (1,50-2,49), ‘neutraal’ (2,50-3,49), ‘positief’ (3,50-4,49) en ‘zeer positief’ (4,50-5,00). Als van de items, die allemaal aan alle respondenten zijn voorgelegd, een schaal wordt geconstrueerd, is de Cronbach’s alpha 0,87.
- Ik ga liever niet om met mensen die intersekse zijn.
- Als mijn partner zou vertellen dat diegene intersekse is, verbreek ik de relatie.
- Ik zou geen relatie willen hebben met een intersekse persoon.
- Intersekse kinderen moeten met medische behandelingen gewone mannen of vrouwen worden.
- Als ik een baby had die intersekse was, en er was geen medische reden om te opereren, dan zou ik hiermee wachten totdat het kind hierover zelf kan beslissen.
- Intersekse personen moeten over hun eigen lichaam kunnen beslissen.
- Ik vind het raar als mensen biologisch niet in het plaatje van man of vrouw passen.
Data beschikbaar in: tweejaarlijks
Gepubliceerd in het CMS: 10 juni 2026