Personeelsomvang stijgt opnieuw
Tussen oktober 2024 en oktober 2025 is de totale personeelsomvang in het voortgezet onderwijs (vo) afgenomen van 88,9 duizend naar 88,5 duizend fte. Tussen 2020 en 2024 was er juist een toename in de totale personeelsomvang in het vo. Uitgedrukt in personen steeg de personeelsomvang echter wel met 0,3 duizend tussen oktober 2024 en oktober 2025.
In de onderstaande grafiek is de ontwikkeling van de werkgelegenheid in fte in het vo te zien. Vervolgens wordt de ontwikkeling van de werkgelegenheid in personen getoond. Tot slot betreft de laatste grafiek de ontwikkeling van het percentage vrouwen binnen het vo.
Personeelssterkte vo in fte's
x 1.000
Aantal fte 2011 85 2012 83,8 2013 83,8 2014 84,7 2015 85,5 2016 85,4 2017 84,7 2018 84,2 2019 83,8 2020 83,3 2021 85,9 2022 87,2 2023 88 2024 88,9 2025 88,5 Figuur: Personeelssterkte vo in fte’s.
Bron: DUO, Salarisadministraties van instellingen.
Definitie: Tot het onderwijspersoneel is gerekend al het reguliere personeel in loondienst van het bevoegd gezag (exclusief vervanging en inclusief bovenschools personeel). Exclusief groen onderwijs en het vo-personeel op een bve-instelling. De peildatum is 1 oktober. De cijfers zijn gecorrigeerd (opgehoogd) voor ontbrekende instellingen. Eén fte (fulltime equivalent) komt overeen met één voltijdbaan. De indeling naar functiegroep is gebaseerd op de functiecode.
Beschikbaarheidsdatum: jaarlijks.
Publicatiedatum: 15 april 2026.
Personeelssterkte vo naar functiegroep in fte's
Aantal x 1.000
Tussen oktober 2024 en oktober 2025 is de totale personeelsomvang in het voortgezet onderwijs (vo) afgenomen van 88,9 duizend naar 88,5 duizend fte. Deze afname betrof vooral het onderwijsgevend personeel (-0,8 duizend fte), terwijl het onderwijsondersteunend personeel juist in omvang steeg (0,4 duizend fte) net als voorgaande jaren.
Directie Onderwijsgevend personeel Onderwijsondersteunend personeel Leraren in opleiding Onbekend 2011 3,4 61 20,2 0,3 0,1 2012 3,3 60,3 19,9 0,3 0 2013 3,1 60,4 20 0,2 0 2014 3,1 61,3 20,1 0,2 0 2015 3 61,7 20,3 0,2 0,2 2016 2,9 61,3 20,2 0,2 0,8 2017 2,8 61,1 20,4 0,3 0,1 2018 2,8 60,5 20,5 0,3 0,1 2019 2,8 59,8 20,8 0,3 0,1 2020 2,7 59,2 21 0,2 0,1 2021 2,7 60,7 22,3 0,2 0,1 2022 2,6 61 23,2 0,2 0,2 2023 2,6 61,1 24,2 0,2 0 2024 2,6 60,6 25,5 0,3 0 2025 2,5 59,8 25,9 0,3 0 Figuur: Personeelssterkte vo naar functiegroep in fte’s.
Bron: DUO, Salarisadministraties van instellingen.
Definitie: Tot het onderwijspersoneel is gerekend al het reguliere personeel in loondienst van het bevoegd gezag (exclusief vervanging en inclusief bovenschools personeel). Exclusief groen onderwijs en het vo-personeel op een bve-instelling. De peildatum is 1 oktober. De cijfers zijn gecorrigeerd (opgehoogd) voor ontbrekende instellingen. Eén fte (fulltime equivalent) komt overeen met één voltijdbaan. De indeling naar functiegroep is gebaseerd op de functiecode.
Beschikbaarheidsdatum: jaarlijks.
Publicatiedatum: 15 april 2026.
Werkzaam personeel vo naar functiegroep in personen
Aantal x 1.000
Tussen oktober 2024 en oktober 2025 is het aantal werkzame personen in het voortgezet onderwijs (vo) toegenomen van 113,8 duizend naar 114,1 duizend personen. Per saldo kwamen er 0,3 duizend personen bij. DIt gaat voornamelijk om onderwijsondersteunend personeel.
Directie Onderwijsgevend personeel Onderwijsondersteunend personeel Leraren in opleiding Onbekend 2011 3,4 75 26,9 0,6 0,3 2012 3,4 74,2 26,4 0,5 0,2 2013 3,2 73,9 26,4 0,5 0,2 2014 3,2 75 26,4 0,4 0,2 2015 3,1 75,8 26,7 0,4 0,3 2016 3 75,6 26,6 0,4 1 2017 2,9 75,9 26,9 0,5 0,1 2018 2,9 75,7 27 0,5 0,1 2019 2,9 75,2 27,3 0,5 0,1 2020 2,8 74,6 27,8 0,4 0,1 2021 2,8 76,1 29,4 0,4 0,1 2022 2,7 76,9 30,7 0,4 0,3 2023 2,7 77 31,8 0,3 0 2024 2,7 76,9 33,6 0,6 0 2025 2,6 76,5 34,5 0,7 0 Figuur: Werkzaam personeel vo naar functiegroep in personen.
Bron: DUO, Salarisadministraties van instellingen.
Definitie: Tot het onderwijspersoneel is gerekend al het reguliere personeel in loondienst van het bevoegd gezag (exclusief vervanging en inclusief bovenschools personeel). Exclusief groen onderwijs en het vo-personeel op een bve-instelling. De peildatum is 1 oktober. De cijfers zijn gecorrigeerd (opgehoogd) voor ontbrekende instellingen. De totalen in personen zijn zonder dubbeltellingen binnen de (sub)sector. De indeling naar functiegroep is gebaseerd op de functiecode.
Beschikbaarheidsdatum: jaarlijks.
Publicatiedatum: 15 april 2026.
Percentage vrouwen naar functiegroep in het vo
Op basis van fte's
Het percentage vrouwen werkzaam in het vo is verder gestegen. Dit aandeel nam toe van 54,3 procent in oktober 2024 tot 54,6 procent in oktober 2025. Onder het onderwijsgevend personeel (leraren) nam dit aandeel toe tot 53,5 procent. Al jaren is sprake van een voortgaande feminisering van het onderwijs. In de afgelopen jaren is het percentage vrouwen vooral onder de directie gestegen.
Totaal Directie Onderwijsgevend personeel Onderwijsondersteunend personeel 2011 45,4 24,9 44,8 50,3 2012 46,3 25,9 45,8 50,9 2013 47,1 27,5 46,7 51,5 2014 47,9 28,1 47,4 52 2015 48,6 29,8 48,1 52,8 2016 49,3 31,5 48,8 53,1 2017 49,9 32,8 49,4 53,6 2018 50,6 34,3 50,1 54,1 2019 51,1 35,8 50,6 54,5 2020 51,9 38,1 51,3 55,2 2021 52,8 39,7 52,1 56,3 2022 53,6 40,8 52,7 57,4 2023 53,9 41,9 52,9 57,7 2024 54,3 42,4 53,3 58 2025 54,6 44,1 53,5 58,2 Figuur: Percentage vrouwen naar functiegroep in het vo.
Bron: DUO, Salarisadministraties van instellingen.
Definitie: Tot het onderwijspersoneel is gerekend al het reguliere personeel in loondienst van het bevoegd gezag (exclusief vervanging en inclusief bovenschools personeel). Exclusief groen onderwijs en het vo-personeel op een bve-instelling. De peildatum is 1 oktober. De cijfers zijn gecorrigeerd (opgehoogd) voor ontbrekende instellingen. Eén fte (fulltime equivalent) komt overeen met één voltijdbaan. De indeling naar functiegroep is gebaseerd op de functiecode.
Beschikbaarheidsdatum: jaarlijks.
Publicatiedatum: 15 april 2026.