In onderstaande figuren wordt het werkgelegenheidscijfer in Nederland vergeleken met het werkgelegenheidscijfer in de vergelijkingslanden. In de figuren is te zien dat het werkgelegenheidscijfer in Nederland voor elk opleidingsniveau hoger ligt dan het gemiddelde in de OESO-landen.
Werkgelegenheidscijfers naar opleidingsniveau
Aantal werkende 25-64 jarigen als percentage van de groep 25-64 jarigen, naar opleidingsniveau (2025)
Land lager dan hoger secundair Bovenbouw voortgezet onderwijs mbo 2-3-4 NLD 68% 78% 85% VK 61% 79% 78% VS 59% FIN 54% 74% 75% DUI 63% 70% 84% DEN 60% 72% 84% BEL 48% 68% 75% FRA 54% 74% 75% OESO 60% 75% 79% EU25 57% 75% 80% Definitie: Werkende zijn personen die tijdens de referentieweek van het onderzoek: i) ten minste één uur werkten tegen betaling of voor winst; ii) een baan hadden maar tijdelijk niet aan het werk waren. De werkgelegenheidsgraad heeft betrekking op het aantal werkenden als percentage van de bevolking in de werkzame leeftijd.
Zie ook de publicatie op de website van de OESO en OECD Handbook for Internationally Comparative Education Statistics
Bron: EAG 2026, tabel A3.1
Beschikbaar: 29 september 2026
Publicatiedatum: 29 september 2026
Werkgelegenheidscijfers hoger opgeleiden naar opleidingsniveau
Aantal werkende hoog opgeleide 25-64 jarigen als percentage van de groep hoog opgeleide 25-64 jarigen, naar opleidingsniveau (2025)
Binnen de groep hoger opgeleiden geldt ook: hoe hoger opgeleid, hoe groter het aandeel dat werkt.
Land Associate degree Bachelor Master PhD NLD 90% 89% 92% 93% VK 83% 88% 89% 90% VS 78% 83% 86% 91% FIN 84% 88% 90% DUI 91% 88% 89% 92% DEN 86% 86% 90% 93% BEL 81% 86% 90% 92% FRA 86% 86% 90% 90% OESO 83% 86% 90% 94% EU25 85% 86% 91% 95% Definitie: Werkende zijn personen die tijdens de referentieweek van het onderzoek: i) ten minste één uur werkten tegen betaling of voor winst; ii) een baan hadden maar tijdelijk niet aan het werk waren. De werkgelegenheidsgraad heeft betrekking op het aantal werkenden als percentage van de bevolking in de werkzame leeftijd.
Zie ook de publicatie op de website van de OESO en OECD Handbook for Internationally Comparative Education Statistics
Bron: EAG 2026, tabel A3.1
Beschikbaar: 29 september 2026
Publicatiedatum: 29 september 2026
Werkgelegenheidscijfers van hoger opgeleiden naar studierichting
Percentage werkende 25-64-jarigen onder alle 25-64-jarigen (2024)
Ongeacht de studierichting vinden over het algemeen veel hbo- en wo-afgestudeerden in Nederland een baan.
Land Educatie Kunst en geesteswetenschappen, sociale wetenschappen, journalistiek en informatie Bedrijfskunde en rechten Wetenschap, technologie, engineering en wiskunde (STEM) Gezondheid en welzijn NLD 90% 89% 92% 91% 90% VK 83% 83% 84% 86% 82% VS FIN 89% 86% 87% 90% 91% DUI 88% 85% 89% 90% 89% DEN 90% 84% 90% 88% 89% BEL 89% 86% 87% 91% 90% FRA 89% 83% 86% 91% 88% OESO 87% 84% 87% 88% 88% EU25 88% 85% 88% 89% 89% Definitie: Werkende zijn personen die tijdens de referentieweek van het onderzoek: i) ten minste één uur werkten tegen betaling of voor winst; ii) een baan hadden maar tijdelijk niet aan het werk waren. De werkgelegenheidsgraad heeft betrekking op het aantal werkenden als percentage van de bevolking in de werkzame leeftijd.
Zie ook de publicatie op de website van de OESO en OECD Handbook for Internationally Comparative Education Statistics
Bron: EAG 2025, tabel A3.3
Beschikbaar: 9 september 2025
Publicatiedatum: 9 september 2025
Arbeidsvoorwaarden van volwassenen met een doctoraatsdiploma als hoogste kwalificatie
Percentage (25-64 jarige) werknemers met een contract voor onbepaalde tijd onder werknemers met dezelfde kwalificatie (2023 of laatst beschikbaar jaar)
Op baanzekerheid voor gepromoveerden scoort Nederland lager dan gemiddeld: 81% van de werkenden met een doctorstitel heeft een contract voor onbepaalde tijd t.o.v. 88% in 27 EU-landen waarover EAG 2025 rapporteert.
Land Werkzaam in contracten voor onbepaalde tijd NLD 81% VK 90% VS FIN 73% DUI 84% DEN 89% BEL 92% FRA 91% OESO EU27 88% Definitie: Werkende zijn personen die tijdens de referentieweek van het onderzoek: i) ten minste één uur werkten tegen betaling of voor winst; ii) een baan hadden maar tijdelijk niet aan het werk waren. De werkgelegenheidsgraad heeft betrekking op het aantal werkenden als percentage van de bevolking in de werkzame leeftijd.
Zie ook de publicatie op de website van de OESO en OECD Handbook for Internationally Comparative Education Statistics
Bron: EAG 2025, tabel A3.12 (web only)
Beschikbaar: 9 september 2025
Publicatiedatum: 9 september 2025