Alle mbo-studenten moeten de kans krijgen om een opleiding te volgen die bij hen past. Dat vergroot hun kansen op werk, in een vervolgopleiding en in de samenleving. Het is belangrijk dat mbo-studenten zich ook na het behalen van hun diploma blijven ontwikkelen.

Om de aansluiting van het onderwijs op de arbeidsmarkt te kunnen volgen en verbeteren, houdt OCW een aantal indicatoren bij. Dat zijn cijfers die laten zien hoe het ervoor staat met dit thema. De cijfers op deze pagina gaan over het middelbaar beroepsonderwijs (mbo).

Thema’s voor beleid voor aansluiting van het mbo op de arbeidsmarkt

De indicatoren voor de aansluiting van het onderwijs op de arbeidsmarkt zijn onder te verdelen in een aantal thema’s:

  • Aansluiting van het mbo op de arbeidsmarktbehoefte
  • Kansrijke studiekeuze voor mbo-studenten
  • Bij- en omscholen van werkenden en werkzoekenden
  • Passende stages met goede begeleiding, zonder discriminatie

Aansluiting van het mbo op de arbeidsmarktbehoefte

Alle studenten moeten een duurzaam arbeidsperspectief hebben. Met de Werkagenda mbo zet OCW samen met de sector in op het verbeteren van de aansluiting tussen onderwijs en arbeidsmarkt. De kwantitatieve en kwalitatieve aansluiting tussen onderwijs en arbeidsmarkt uit monitoren wordt gevolgd aan de hand van de onderstaande indicatoren.

Kansrijke studiekeuze voor mbo-studenten

Goed opgeleide vakmensen zijn onmisbaar voor onze maatschappij. Denk bijvoorbeeld aan de woningbouw, zorg en het onderwijs. Samen met de onderwijssector stimuleert OCW studenten om te kiezen voor een opleiding richting een kansrijk beroep. Daarbij is het belangrijk dat deze keuze past bij hun interesses en talenten. De indicatoren voor een kansrijke studiekeuze zijn:

Bij- en omscholen van werkenden en werkzoekenden

Bij- en omscholing is nodig om te zorgen dat er genoeg vakmensen zijn om de samenleving goed te laten werken. De mbo-sector helpt werkenden en werkzoekenden om zich bij- of om te scholen. Dat gebeurt op verschillende manieren: met opleidingen op maat, in modules (losse onderdelen) en via de beroepsbegeleidende leerweg (bbl). In de bbl werken studenten vier dagen per week en volgen ze één dag onderwijs. Er is extra aandacht voor het stimuleren van de bbl. De indicatoren voor het bij- en omscholen van werkenden en werkzoekenden zijn:

Passende stages met goede begeleiding, zonder discriminatie

Stages zijn belangrijk om te leren in de praktijk. Daarom werken scholen en leerbedrijven samen aan goede begeleiding tijdens de stage. In het Stagepact mbo zijn hierover afspraken gemaakt. Deze afspraken zorgen ervoor dat studenten de ondersteuning krijgen die zij nodig hebben en dat de kans groter is dat zij hun opleiding afronden. Studenten moeten gelijke kansen hebben op een stageplek, zonder discriminatie. Ook zijn er afspraken over stagevergoedingen, zodat stage lopen de student geen geld kost. De indicatoren voor passende stages met goede begeleiding en afspraken zijn:

Meer cijfers

Op de pagina’s hieronder staan meer cijfers over de aansluiting van het mbo op de arbeidsmarkt.

Zie ook

Mbo in cijfers
Op deze pagina staan de belangrijkste cijfers (kerncijfers) over het mbo. Daarnaast staat op deze pagina ook een overzicht van de thema’s voor beleid binnen mbo.

Leven Lang Ontwikkelen
Op Rijksoverheid.nl staat informatie over de manier waarop de overheid leren en ontwikkelen stimuleert.

Werkagenda mbo
In de Werkagenda mbo 2023-2027 staan de doelstellingen voor het goed voorbereiden van mbo-studenten op de toekomst.

Stagepact mbo
In het Stagepact mbo 2023-2027 staan de doelen en maatregelen voor passende stages met goede begeleiding en afspraken in het mbo. Ook staan hierin doelen en maatregelen over het voorkomen van stagediscriminatie.