Het is belangrijk dat bol-studenten voor hun stage een passende stagevergoeding ontvangen en bbl-studenten voor hun leerwerkplek loon ontvangen. Dat volgen we met deze indicator. Een passende stagevergoeding geeft studenten waardering en helpt hen om financieel rond te komen.
In de grafiek wordt weergegeven hoeveel studenten met een bpv-overeenkomst inkomsten hebben in de vorm van stagevergoeding (bij bol-studenten) of in de vorm van loon (bij bbl-studenten).
Aandeel studenten die stagevergoeding of loon ontvangen
procenten
In maart 2024 ontving 42% van de bol-studenten met een bpv-overeenkomst stagevergoeding. Dat is 1 procentpunt meer dan een halfjaar eerder. Bijna alle bbl-studenten met een bpv-overeenkomst ontvangen loon (97%).
| leerweg | oktober 2023 | maart 2024 |
|---|---|---|
| BOL | 41% | 42% |
| BBL | 97% | 97% |
Bron: Stages en banen van studenten in het mbo en ho op detailniveau, 2023/’24 | CBS
Definitie: Op verzoek van het ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap (OCW) heeft team Onderwijs van het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) tabellen samengesteld over loon en arbeidsduur van studenten uit het bekostigd middelbaar beroepsonderwijs (mbo), met en zonder Beroepspraktijkvorming (BPV)-overeenkomst, en het hoger onderwijs (ho) in studiejaar 2023/'24.
Voor de BPV-overeenkomsten is gebruik gemaakt van de BPV-overeenkomstregistratie van de Dienst Uitvoering Onderwijs (DUO).
De loon- en arbeidsduurgegevens betreffen banen en stages op basis van de Polisadministratie in de maanden oktober 2023 en maart 2024. Daarnaast wordt uitgesplitst naar onderwijskenmerken.
De populatie bestaat uit studenten die op 1 oktober 2023 stonden ingeschreven in het bekostigd onderwijs. Dit zijn studenten op het mbo exclusief extranei.
De inschrijvingen zijn ontleend aan het Register Onderwijsdeelnemers (ROD) dat wordt beheerd door DUO. ROD bevat onder andere de inschrijvingen per onderwijssoort op 1 oktober van het jaar.
Personen kunnen inschrijvingen in meerdere onderwijssoorten hebben, bijvoorbeeld zowel in het mbo als in het ho. Er wordt dan alleen naar de hoofdinschrijving gekeken, zoals deze door DUO bepaald is. Ook binnen een onderwijssoort kan het voorkomen dat personen meerdere inschrijvingen hebben. Ook dan is alleen de hoofdinschrijving meegenomen.
Er wordt specifiek gekeken naar studenten met een bpv-overeenkomst op basis van de bpv-overeenkomst registratie van DUO en SBB (Samenwerkingsorganisatie Beroepsonderwijs Bedrijfsleven), om er zeker van te zijn of een student op een betreffend peilmoment daadwerkelijk stage loopt of een leerwerkplek heeft. Bij de bepaling is uitgegaan van de daadwerkelijke einddatum van de stage. Wanneer de daadwerkelijke einddatum ontbrak, is uitgegaan van de verwachte einddatum. De voorlopige versie van het ROD is gekoppeld aan de definitieve versie van BPV-registratie op basis van de combinatie van persoon, instelling en mbo-inschrijving. Bij de inschrijvingen gaan we uit van de actieve hoofdinschrijvingen die geldig zijn op 1 oktober van het studiejaar. Als een student in de betreffende maand een BPV-overeenkomst heeft dan krijgt de variabele de waarde “1” en anders de waarde “0”. In gevallen waarin een student een neveninschrijving heeft, kan het voorkomen dat deze student wel een stage heeft volgens de Polisadministratie maar de waarde “0” heeft voor de variabele BPV-overeenkomst.
Voor bol-studenten is deze indicator gebaseerd op het aandeel studenten met inkomsten uit stage. Studenten die inkomsten hebben uit een stage op basis van de Polisadministratie. Het kan zijn dat deze studenten daarnaast een baan hebben. De arbeidskenmerken van alleen de stage zijn weergegeven. Voor bbl-studenten is deze indicator gebaseerd op het aandeel studenten met inkomsten uit de grootste baan, omdat het aannemelijk is dat dat hun leerbaan is. Grootste baan wordt afgeleid uit de Polisadministratie en is als volgt gedefinieerd: inkomstenbron met het hoogste aantal reguliere werkuren (dus exclusief overwerkuren, uren feestdagen en uren van algemene plus leeftijdsspecifieke verlofdagen).
Zie verder de toelichting en begrippen in het CBS-bronbestand.
Beschikbaar: Jaarlijks in april
Publicatiedatum: 10 juni 2025