Diploma’s lerarenopleidingen – naar bevoegdheid
In aantallen x 1.000
DUO
Hierboven staan de aantallen behaalde diploma's voor lerarenopleidingen, uitgesplitst naar de onderwijsbevoegdheid die met het diploma wordt verkregen.
Er wordt hier geteld in diplomajaren (het schooljaar waarin het diploma is behaald), onafhankelijk van het instroomjaar.
| Primair onderwijs | Eerstegraads | Tweedegraads | |
|---|---|---|---|
| 2012 | 4,3 | 2,5 | 2,6 |
| 2013 | 4,0 | 2,7 | 2,8 |
| 2014 | 4,0 | 2,6 | 2,9 |
| 2015 | 3,6 | 2,6 | 3,0 |
| 2016 | 3,7 | 2,5 | 3,2 |
| 2017 | 3,8 | 2,5 | 3,4 |
| 2018 | 3,4 | 2,4 | 3,2 |
| 2019 | 3,6 | 2,3 | 3,1 |
| 2020 | 3,6 | 2,6 | 3,4 |
| 2021 | 3,7 | 2,3 | 2,8 |
| 2022 | 3,9 | 2,3 | 2,8 |
| 2023 | 4,1 | 2,2 | 2,9 |
Figuur: Diploma’s lerarenopleidingen – naar bevoegdheid, in aantallen x 1.000
Definitie:
- Hier worden alle behaalde diploma’s aan lerarenopleidingen geteld, met uitzondering van propedeusediploma’s. De diploma’s worden geteld per diplomajaar, wat overeenkomt met de periode waarin het diploma behaald is. Het diplomajaar loopt van 1 oktober van dat jaar, tot 1 oktober van het opvolgende jaar. Dit is onafhankelijk van het instroomjaar van de studenten.
- De Inspectie van het Onderwijs houdt jaarlijks een lijst bij van alle opleidingen in het hoger onderwijs die zelfstandig opleiden tot een onderwijsbevoegdheid. De lijst van deze lerarenopleidingen wordt hier toegepast. Wanneer een minor binnen een andere opleiding een onderwijsbevoegdheid verleent, of ook wanneer er wordt gestudeerd voor een onderwijsbevoegdheid bij een docenten-track die is ingedaald bij een bredere opleiding, worden de studenten niet geteld (over minors en tracks heeft DUO geen gegevens).
Bron: DUO ééncijferbestand ho
Data beschikbaar in: jaarlijks mei
Publicatiedatum: 30 april 2025