De overheidssteun voor R&D bestaat uit twee onderdelen: 1) directe financiering van instellingen, onderzoeksprogramma's en -projecten; en 2) steun via fiscale instrumenten.

De grafiek laat de directe en indirecte overheidssteun voor R&D zien in miljoenen euro’s voor de periode van 2000 tot en met 2030.

Directe en indirecte overheidssteun voor R&D

in miljoenen euro's

Rathenau Instituut

Tot 2026 stijgen de directe R&D-uitgaven van de overheid jaarlijks, met uitzondering van de jaartallen 2004 en 2012. De sterkere stijging tussen 2017 en 2021 komt voornamelijk door de extra investeringen uit het Regeerakkoord 2017 en de extra beschikbaar gestelde middelen in verband met de COVID-19 pandemie. Vanaf 2021 zien we een verdere stijging in de R&D-financiering tot aan 2026.

Ook de fiscale overheidssteun laat over het algemeen een jaarlijkse stijging zien tot en met 2026. De totale overheidssteun bereikt een piek in 2026. Daarna is er sprake van een lichte daling en stabilisatie richting 2030. Deze ontwikkeling laat zien dat de overheidssteun voor R&D in de afgelopen jaren is geïntensiveerd, maar dat het groeitempo in de meest recente ramingen afneemt.