Net als in andere landen zien we in Nederland dat de arbeidsmarkt door vergrijzing wordt geraakt. Deze pagina laat echter een relatief positief beeld zien van de leeftijdsopbouw van het Nederlandse lerarenkorps. Het aandeel 55-plussers in het korps is gemiddeld, maar Nederland ziet als een van de weinige landen een neerwaartse trend in het aandeel 55-plussers onder leraren. Ook zien we dat de vergijzing in het lerarenkorps minder zwaar is dan in de algehele arbeidsmarkt.
Voor informatie over toedeling van Nederlandse onderwijsprogramma’s zie ISCED | OCW in cijfers.
Leeftijdsverdeling docenten in het primair onderwijs, internationale positie (2024)
Nederland heeft in het primair onderwijs in vergelijking met de West-Europese landen het hoogste aandeel 55-plussers, maar zit met 21% 55-plussers gelijk met het OESO gemiddelde en onder het EU25 gemiddelde van 24%. Daar staat echter een relatief groot aandeel jonge leraren tegenover; 28% van de leraren is onder de 35, meer dan het OESO-gemiddelde van 24% en EU25 van 21%.
Land Jonger dan 35 jaar 35-55 jaar Ouder dan 55 jaar NLD 28% 51% 21% VK 42% 50% 8% VS 28% 54% 17% FIN 24% 52% 24% DUI 20% 58% 21% DEN 29% 50% 21% BEL 33% 52% 15% FRA 22% 65% 13% OESO 24% 55% 21% EU25 21% 55% 24% Definitie: Zie ook de publicatie op de website van de OESO en OECD Handbook for Internationally Comparative Education Statistics
Bron: EAG 2026, Teacher Shortages Tabel 4
Beschikbaar: 29 september 2026
Publicatiedatum: 29 september 2026
Leeftijdsverdeling docenten in het voortgezet onderwijs, internationale positie (2024)
Internationaal is in Nederland het aandeel leraren die ouder zijn dan 55 jaar in het voortgezet onderwijs gelijk aan het gemiddelde in de OESO met 25%. Tegelijkertijd zien we een grotere groep jonge leraren (<35 jaar). Deze groep is met 27% hoger dan in de meeste vergelijkingslanden.
Land Jonger dan 35 jaar 35-55 jaar Ouder dan 55 jaar NLD 27% 48% 25% VK 33% 52% 15% VS 25% 55% 20% FIN 18% 53% 29% DUI 18% 57% 24% DEN 22% 53% 25% BEL 25% 56% 19% FRA 18% 60% 23% OESO 20% 55% 25% EU25 17% 55% 28% Definitie: Zie ook de publicatie op de website van de OESO en OECD Handbook for Internationally Comparative Education Statistics
Bron: EAG 2026, Teacher Shortages Tabel 4
Beschikbaar: 29 september 2026
Publicatiedatum: 29 september 2026
Trendontwikkeling 55-plus leraren in het primair onderwijs (2015-2024)
Percentage van alle leraren in het primair onderwijs (2015-2024)
Het aantal 55-plus docenten in het primair onderwijs is met 4% gedaald van 25% (2015) naar 21% (2024). Dit is in tegenstelling tot het OESO-gemiddelde en de EU25, waar 55-plussers toenamen met 3% en 5% respectievelijk. Hierdoor ligt Nederland nu gelijk met het OESO gemiddelde van 21% en onder de EU25 van 24%.
Landen Ouder dan 55 jaar (2015) Ouder dan 55 jaar (2024) NLD 25 21 VK 7 8 VS 19 17 FIN 17 24 DUI 29 21 DEN 19 21 BEL 10 15 FRA 10 13 OESO 18 21 EU25 19 24 Definitie: Zie ook de publicatie op de website van de OESO en OECD Handbook for Internationally Comparative Education Statistics
Bron: EAG 2026, Teacher Shortages Tabel 4
Beschikbaar: 29 september 2026
Publicatiedatum: 29 september 2026
Trendontwikkeling 55-plus leraren in het voortgezet onderwijs (2015-2024)
Percentage van alle leraren in het voortgezet onderwijs (2015-2024)
Het aantal 55-plus docenten in het voortgezet onderwijs is in 2024 gelijk gebleven ten opzichte van 2015. Met 25% 55-plussers ligt Nederland gelijk met het OESO gemiddelde die wel een toename over de jaren zag van 3%.
Landen Ouder dan 55 jaar (2015) Ouder dan 55 jaar (2024) NLD 32 25 VK 12 15 VS 20 20 FIN 24 29 DUI 33 24 DEN 23 25 BEL 17 19 FRA 18 23 OESO 22 25 EU25 24 28 Definitie: Zie ook de publicatie op de website van de OESO en OECD Handbook for Internationally Comparative Education Statistics
Bron: EAG 2026, Teacher Shortages Tabel 4
Beschikbaar: 29 september 2026
Publicatiedatum: 29 september 2026
Verhouding tussen het aandeel 55-plussers in het lerarenkorps en de algehele arbeidsmarkt (2024)
Het aandeel 55-plussers in zowel het primair (21%) als secundair onderwijs (25%) ligt lager dan de algehele arbeidsmarkt met een bachelordiploma (27%), masterdiploma (28%) of in vergelijking met alle opleidingsniveaus (26%). De vergrijzing in het lerarenkorps is marginaal minder zwaar dan in de algehele arbeidsmarkt.
Landen Leraren primair onderwijs Leraren voortgezet onderwijs Arbeiders met minimaal bachelor diploma Arbeiders met minimaal master diploma Alle opleidingsniveaus NLD 21 25 27 28 26 VK 8 15 13 13 18 VS 17 20 0 0 0 FIN 24 29 17 22 24 DUI 21 24 25 24 27 DEN 21 25 3 15 24 BEL 15 19 18 17 20 FRA 13 23 12 6 20 OESO 21 25 17 19 21 EU25 24 28 17 19 22 Definitie: Zie ook de publicatie op de website van de OESO en OECD Handbook for Internationally Comparative Education Statistics
Bron: EAG 2026, Teacher Shortages Tabel 4
Beschikbaar: 29 september 2026
Publicatiedatum: 29 september 2026