Onderwijs gaat verder dan enkel taal en rekenen. Een belangrijke taak van goed onderwijs is het bevorderen van de sociale ontwikkeling van jongeren. Burgerschapsonderwijs richt zich in de eerste plaats op het leren samenleven en functioneren in een democratische samenleving. Dit omvat het overdragen van waarden en het ontwikkelen van vaardigheden die nodig zijn om actief deel te nemen aan de maatschappij. De burgerschapsopdracht van scholen, die deze taak omvat, werd in 2006 voor het eerst vastgelegd in de wet en is in 2021 verder verduidelijkt en wettelijk verankerd.
De kennis van leerlingen in de onderbouw van het voortgezet onderwijs over politiek en maatschappelijke onderwerpen wordt internationaal geëvalueerd via het onderzoek 'International Civic and Citizenship Study' (ICCS), uitgevoerd door de IEA (International Association for the Evaluation of Educational Achievement). De grafiek toont de gemiddelde score per land op deze burgerschapskennistoets. Onder 'Gerelateerde grafieken' is het percentage leerlingen per beheersingsniveau op basis van deze toets weergegeven.
Gemiddelde score per land op de kennistoets over burgerschap
Nederlandse leerlingen scoren internationaal gemiddeld op kennis van politieke en maatschappelijke onderwerpen (score van 508). Binnen Europa blijft de kennis van Nederlandse leerlingen echter achter bij het gemiddelde. Met name leerlingen uit Scandinavische landen beschikken over veel kennis op dit gebied. In vergelijking met de vorige meting in 2016 is de kennis in alle gepresenteerde landen afgenomen.
NB: Door een te kleine steekproefgrootte in Nederland bij het onderzoek van 2009 en in Denemarken bij het onderzoek van 2022 zijn de resultaten niet volledig representatief. Toch zijn deze onderzoeken opgenomen in de grafiek om een zo volledig mogelijk beeld te schetsen.
| Land | ICCS 2009 | ICCS 2016 | ICCS 2022 |
|---|---|---|---|
| Zweden | 537 | 579 | 565 |
| Noorwegen | 538 | 564 | 529 |
| Denemarken | 576 | 586 | 556 |
| Italië | 531 | 524 | 523 |
| Estland | 525 | 546 | 545 |
| Nederland | 494 | 523 | 508 |
| Int. gem. | 500 | 517 | 508 |
Bron: ICCS 2022 (IEA)
Definitie: Onder burgerschapskennis wordt in het ICCS raamwerk kennis verstaan over de democratische samenleving (zoals de functie van wetten), over de onderliggende principes (zoals ieders gelijkheid voor de wet) en de toepassing daarvan (zoals verkiezingen). Ook het persoonlijke gevoel van een individu over het eigen maatschappelijke handelen en de eigen waarden en rollen in verschillende gemeenschappen (zoals leiderschap) – ‘civic identity’, wordt vervat onder de noemer kennis. Er is een schaal geconstrueerd met een gemiddelde van 500 (in 2009) en standaarddeviatie van 100.
Beschikbaarheid datum: 6/7 jaarlijks, november
Publicatiedatum: 15 november 2024
Percentage leerlingen per beheersingsniveau politiek en maatschappelijk burgerschap
procenten
Ongeveer één op de drie leerlingen in de onderbouw van het Nederlandse voortgezet onderwijs heeft een zeer goed begrip van politiek en maatschappelijk burgerschap en is daarmee in staat om actief invulling te geven aan zijn of haar rol als burger (beheersingsniveau A). Nederlandse kinderen scoren op dit gebied lager dan hun leeftijdsgenoten in vergelijkbare landen. In vergelijking met de vorige meting is het percentage leerlingen met het hoogste beheersingsniveau afgenomen.
| Land | Onder niveau D | niveau D | Niveau C | Niveau B | Niveau A |
|---|---|---|---|---|---|
| Zweden | 1,20% | 6,40% | 14,30% | 25,20% | 52,80% |
| Noorwegen | 2,60% | 9,30% | 18,10% | 29,40% | 40,60% |
| Denemarken | 1,30% | 6,10% | 15,30% | 27,30% | 49,90% |
| Italië | 1,10% | 7,00% | 22,30% | 34,80% | 34,70% |
| Estland | 0,80% | 5,50% | 18,90% | 31,50% | 43,40% |
| Nederland | 2,00% | 12,00% | 23,70% | 31,50% | 30,80% |
| Int. Gem | 2,60% | 11,80% | 23,80% | 31,10% | 30,60% |
Figuur: Percentage leerlingen per beheersingsniveau politiek en maatschappelijk burgerschap
Bron: ICCS 2022 (IEA)
Definitie: Niveau D heeft betrekking op een score van 311 tot 394 punten, niveau C op een score van 395 tot 478 punten, niveau B op een score van 479 tot 562, en niveau A op een score van 563 punten of hoger. Leerlingen met een score onder de 311 punten worden aangeduid als ‘onder niveau D’.
Leerlingen met beheersingsniveau D herkennen expliciete kenmerken van democratie. Ze identificeren beoogde uitkomsten van eenvoudige regels en wetten, en herkennen de motieven van mensen die bijdragen aan het algemeen belang.
Leerlingen met beheersingsniveau C zijn bekend met begrippen als gelijkheid, sociale cohesie en vrijheid als principes van democratie. Ze relateren deze principes aan voorbeelden in dagelijkse situaties waarin het beschermen of aanvechten van deze principes centraal staat. Leerlingen zien het individu als actieve burger: ze herkennen de noodzaak voor burgers om zich aan de wet te houden; ze relateren individuele acties aan mogelijke collectieve gevolgen; en ze relateren persoonskenmerken aan de mogelijkheid om verschil te maken.
Leerlingen met beheersingsniveau B zijn bekend met algemene begrippen rond representatieve democratie als politieke bestuursvorm. Ze herkennen manieren waarop maatschappelijke instituties en wetten gebruikt kunnen worden voor de ontwikkeling en bescherming van maatschappelijke waarden en principes. Ze herkennen de potentiële rol van burgers als kiezers in een representatieve democratie, en ze generaliseren waarden en principes op basis van specifieke voorbeelden van beleid of wetten (inclusief mensenrechten). Leerlingen begrijpen dat actief burgerschap verder rijkt dan de lokale gemeenschap. Ze generaliseren de rol die individuele actieve burgers spelen naar bredere maatschappelijke gemeenschappen nationaal en wereldwijd.
Leerlingen met beheersingsniveau A maken connecties tussen sociale en politieke processen en invloeden, en de rechtelijke en institutionele mechanismen die gebruikt worden om ze te beheersen. Ze formuleren zorgvuldig verwachtingen van de voordelen, motieven, en mogelijke uitkomsten van maatschappelijk beleid en de acties van burgers. Ze integreren, beargumenteren, en evalueren maatschappelijke posities, beleidslijnen en wetten waarop deze gebaseerd zijn. Leerlingen zijn bekend met algemene internationale economische belangen en de strategische aard van actieve participatie.
Beschikbaarheid datum: 6/7 jaarlijks, november
Publicatiedatum: 15 november 2024