Waar een opleiding niet passend of mogelijk is, is een goede overgang van het onderwijs naar de arbeidsmarkt van belang. Het uitgangspunt is dan dat het aantal jongeren zonder onderwijs en zonder werk zo beperkt mogelijk is.
In de grafiek is het aantal jongeren te zien dat geen werk heeft en geen onderwijs volgt. Deze jongeren worden internationaal ook wel NEETs genoemd (‘not in employment, education or training’). Op het dashboard voortijdig schoolverlaten, jongeren zonder werk en onderwijs, en jongeren in een kwetsbare positie kunt u meer informatie over NEETs vinden, zoals aantallen per regio en een uitsplitsing naar leeftijdscategorie.
Deze cijfers zijn gebaseerd op de nationale definitie van NEETs. Deze definitie wijkt op enkele punten af van de internationale NEET-definitie, om beter aan te sluiten op de Wet van school naar duurzaam werk. De internationaal vergelijkbare gegevens over NEETs zijn te vinden via deze pagina op OCW in Cijfers.
Aantal jongeren zonder werk en onderwijs (NEET)
Aantallen
In 2024 waren er 249.230 jongeren zonder werk en zonder onderwijs. Dit aantal is sinds 2021 jaarlijks toegenomen.
Jaar Aantal jongeren zonder werk en onderwijs 2020 206.990 2021 195.110 2022 218.500 2023 229.745 2024 249.230 Bron: DUO - Dashboards vsv, neet en jikp
Definitie:
Een jongere zonder werk en onderwijs is een jongere die:
- tussen de 16 en 27 jaar oud is.
- geen betaald werk heeft voor 1 uur of meer per week in de peilmaand oktober van het betreffende jaar.
- geen inschrijving heeft in het door de Nederlandse Overheid bekostigd onderwijs op 1 oktober van het betreffende jaar.
De gegevens zijn afkomstig van het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS). De peildatum is 1 oktober van het betreffende jaar. Op deze datum is de doelpopulatie afgebakend en is gebruik gemaakt van het Stelsel van Sociaal-statistische Bestanden (SSB).
Ter bescherming van de privacy van personen zijn aantallen afgerond op het dichtstbijzijnde vijftal.
Afwijking van de internationale definitie:
In internationale context wordt bij het spreken over jongeren zonder werk en onderwijs vaak de term NEET: 'Not in Education, Employment, or Training' gehanteerd. In Europees verband wordt de informatie over deze groep door het CBS gebaseerd op de Enquête Beroepsbevolking (EBB). De EBB is een steekproefonderzoek waarbij de geregistreerde antwoorden een eigen inschatting van de respondent zijn. Voor deze indicator wordt in plaats van het EBB gebruik gemaakt van de registerdata van DUO en het CBS. De definitie van de 'jongere zonder werk en onderwijs' in dit dashboard wijkt daardoor iets af van de internationale NEET-definitie, op de volgende punten:- Er wordt een leeftijdsafbakening tot 27 jaar gebruikt, omdat dit aansluit bij de afbakening in de Wet van school naar duurzaam werk. Volgens de Europese definitie is de leeftijdgrens 30 jaar.
- Non-formeel onderwijs wordt niet meegenomen. Gegevens hierover zijn niet beschikbaar in de registers van DUO en het CBS.
- Formeel niet-bekostigd onderwijs wordt (nog) niet meegenomen.*
- Het peilmoment waarop wordt bepaald of een jongere onderwijs volgt of werkt is de maand oktober. In de EBB is dit het vierde kwartaal van het jaar.
- Jongeren in een institutioneel huishouden worden meegenomen in de gegevens.
*Het CBS onderzoekt momenteel de mogelijkheid om ook gegevens over het formele niet-bekostigde onderwijs mee te nemen bij het bepalen van de onderwijsstatus van jongeren. Doel is om deze informatie zodra dit mogelijk is deel te laten uitmaken van de gebruikte gegevens.
Overschatting van het aantal jongeren zonder werk en onderwijs:
Het aantal jongeren zonder werk en onderwijs wordt in zekere mate overschat. Dit komt doordat alleen inschrijvingen in het door het Ministerie van OC&W bekostigde onderwijs kunnen worden meegenomen. Jongeren die op een andere manier onderwijs volgen en in de peilmaand geen werk hebben, worden daardoor ten onrechte tot de groep ‘jongeren zonder werk en onderwijs’ gerekend. Het gaat hierbij om:- jongeren die een particuliere opleiding volgen in het niet-bekostigd onderwijs (ruwweg 25.000 per jaar landelijk),
- jongeren die in het buitenland studeren, maar nog in Nederland als woonachtig staan geregistreerd (circa 25.000 per jaar),
- mbo-studenten die de derde leerweg volgen (circa 18.000 per jaar),
- jongeren die een voltijd opleiding volgen aan de Politieacademie (bekostigd door het Ministerie van JenV en daardoor niet voorkomen in de onderwijsregisters van DUO).
Daarnaast is er een groep jongeren die tot de institutionele bevolking behoort, zoals bijvoorbeeld jongeren in psychiatrische instellingen of gevangenissen. Binnen hun instelling volgen zij meestal onderwijs buiten het bekostigde stelsel en doen zij werk dat niet als formele arbeid wordt geregistreerd. Hierdoor worden zij in de registraties aangemerkt als ‘jongeren zonder werk en onderwijs’ (circa 16.000 jongeren).
Zie verder de toelichtingspagina bij het dashboard Jongeren zonder werk en onderwijs.
Data beschikbaar in: jaarlijks in maart/april
Gepubliceerd in het CMS: