Alle mbo’ers moeten een rekenexamen maken. Voor de studenten die na 1 augustus 2022 met hun opleiding zijn gestart telt het rekenexamen mee voor het diploma. Voor de studenten die al eerder startten met hun opleiding, telt het rekenexamen niet mee.
Het rekenexamen is een instellingsexamen. Dat betekent dat de mbo-instelling bepaalt hoe het examen eruit ziet. Vanaf het studiejaar 2022/2023 zijn de nieuwe rekeneisen ingevoerd. Studenten die vanaf dat studiejaar starten met een mbo-opleiding, krijgen een rekenexamen die gebaseerd is op deze nieuwe rekeneisen.
Voor studenten die nog onder de oude regels vallen, is het examen gebaseerd op de referentieniveaus die nog tot het studiejaar 2024-2025 door her CvTE worden aangeboden. Studenten op mbo niveau 2 en 3 maken het examen op referentieniveau 2F. Zij kunnen er ook voor kiezen om examen te doen op referentieniveau 3F. Studenten op mbo niveau 4 maken het examen op referentieniveau 3F. Voor entreestudenten geldt geen examenverplichting. Als studenten een 5,5 of hoger halen, betekent dat dat ze een voldoende hebben gehaald. Er zijn ook aangepaste rekenexamens voor studenten met ernstige rekenproblemen of dyscalculie (2ER of 3ER). Met deze rekenexamens worden ook de referentieniveaus 2F en 3F getoetst.
Studenten die onder de nieuwe regels vallen worden getoetst op basis van de rekenniveaus. Voor ieder mbo-niveau is een eigen rekenniveau gedefinieerd: rekenniveau 2 voor mbo-studenten op niveau 2, rekenniveau 3 voor mbo-studenten op niveau 3 en rekenniveau 4 voor mbo-studenten op niveau 4. Studenten mogen ook examen doen op een hoger mbo-rekenniveau. De oude regels raken in de komende jaren uitgefaseerd: steeds meer studenten zullen examen doen onder de nieuwe regels.
De grafiek toont het percentage mbo-gediplomeerden dat een voldoende (5,5 of hoger) heeft gehaald op het getoetste examenniveau. Onder 'gerelateerde grafieken' vindt u de gegevens uitgesplitst naar opleidingsniveau en het examenniveau.
Gediplomeerde mbo-studenten die het getoetste examenniveau rekenen (eindcijfer) hebben gehaald
procenten
Het aandeel mbo-gediplomeerden dat een voldoende haalt voor het rekenexamen onder de oude regels is in 2024/2025 38%. Het aandeel gediplomeerden dat een voldoende haalt voor het examen onder de nieuwe rekenregels ligt aanzienlijk hoger met 89% in 2024/2025. Dat kan ermee te maken hebben dat de inhoud van het rekenonderwijs is veranderd, en/of doordat het resultaat onder de nieuwe regels wel meetelt voor het behalen van een diploma. Het is op dit moment niet goed mogelijk om conclusies te verbinden aan de ontwikkeling over de afgelopen jaren. Dit komt omdat de gegevens door de overgangsperiode van de oude naar de nieuwe rekenregels gebaseerd zijn op een veranderende groep studenten. De groep studenten die examen doet volgens de oude regels neemt steeds verder af, en de groep die afstudeert op basis van de nieuwe regels wordt steeds groter.
| Studiejaar | Oude regels | Nieuwe regels |
|---|---|---|
| 2020-2021 | 45% | |
| 2021-2022 | 43% | |
| 2022-2023 | 41% | 90% |
| 2023-2024 | 39% | 89% |
| 2024-2025* | 38% | 89% |
Bron: Kwaliteitsafspraken 2024-2027 / levering 2026 - DUO Open Onderwijsdat
Definitie:
Het aantal studenten dat voor Rekenen een 5,5 of hoger heeft of een vrijstelling heeft op grond van een vooropleiding buiten het mbo, ten opzichte van het totaal aantal gediplomeerde studenten.
Vanaf 2024 is er voor gekozen om niet meer random te ontdubbelen. Als er meerdere cijfers worden doorgegeven voor een vak wordt nu het hoogste cijfer gekozen (als eerste gekeken naar het totaalcijfer, dan het ce cijfer, dan het ie cijfer). Bij de aanwezigheid van meerdere diploma’s wordt het hoofddiploma gekozen. Dit is ook doorgevoerd voor eerdere jaren, waardoor de cijfers niet 100% overeenkomen met de eerder gepubliceerde gegevensbestanden in het kader van de Regeling Kwaliteitsafspraken.
Door de overgangsperiode van de oude naar de nieuwe rekenregels verandert de groep studenten waarop de gegevens gebaseerd zijn. Steeds meer studenten studeren af onder de nieuwe rekenregels. In 2024/2025 viel 96% van de niveau 2-gediplomeerden onder de nieuwe regels (t.o.v. 81% een jaar eerder). Bij niveau 3-gediplomeerden was dat 79% (t.o.v. 28% een jaar eerder) en bij niveau 4-studenten 63% (t.o.v. 13% een jaar eerder).
Kwaliteit van de gegevens:
Het betreft het aantal gediplomeerden waarvan de geregistreerde examengegevens koppelbaar zijn met de 1cijfer-diplomabestanden van DUO. Dit aantal komt niet noodzakelijkerwijs overeen met het werkelijk aantal gediplomeerden, zoals elders gepubliceerd. Daarbovenop is geconstateerd dat bij enkele instellingen de koppeling tussen examengegevens en de 1cijferdiplomabestanden soms niet te maken is. Deze gegevens ontbreken dan ook in de tabel.
Status van de cijfers:
De cijfers over het meest recente verslagjaar zijn voorlopig. De overige cijfers zijn definitief.
Data beschikbaar in: Jaarlijks in maart/april
Gepubliceerd in het CMS: 9 april 2026
Gediplomeerde mbo-studenten die het getoetste examenniveau rekenen (eindcijfer) hebben gehaald onder de oude regels naar opleidingsniveau en examenniveau
procenten
In de grafiek is te zien dat het aandeel gediplomeerden met een voldoende voor het rekenexamen sterk verschilt tussen de gevolgde opleidingsniveaus en het getoetste examenniveau. Van de niveau 3-gediplomeerden haalt 59% een voldoende voor het 2F-examen, bij de niveau 2-gediplomeerden is dat 41%. Bij het 3F-examen halen niveau 2-gediplomeerden relatief gezien het vaakst een voldoende. Ook hier is het niet goed mogelijk om conclusies te verbinden aan de ontwikkeling over de afgelopen jaren. De gegevens zijn namelijk gebaseerd op een steeds kleiner wordende groep studenten, omdat de oude rekenregels uitgefaseerd worden.
| opleidingsrichting en examenniveau | 2020-2021 | 2021-2022 | 2022-2023 | 2023-2024 | 2024-2025* |
|---|---|---|---|---|---|
| niveau 2 - 2ER | 22% | 22% | 27% | 44% | |
| niveau 3 - 2ER | 49% | 44% | 41% | 55% | 31% |
| niveau 2 - 2F | 37% | 35% | 36% | 37% | 41% |
| niveau 3 - 2F | 66% | 65% | 64% | 62% | 59% |
| niveau 4 - 3ER | 23% | 19% | 19% | 26% | 38% |
| niveau 2 - 3F | 75% | 77% | 75% | 70% | 57% |
| niveau 3 - 3F | 62% | 57% | 58% | 55% | 54% |
| niveau 4 - 3F | 40% | 37% | 33% | 31% | 32% |
Bron: Kwaliteitsafspraken 2024-2027 / levering 2026 - DUO Open Onderwijsdat
Definitie:
Het aantal studenten dat voor Rekenen een 5,5 of hoger heeft of een vrijstelling heeft op grond van een vooropleiding buiten het mbo, ten opzichte van het totaal aantal gediplomeerde studenten.
Vanaf 2024 is er voor gekozen om niet meer random te ontdubbelen. Als er meerdere cijfers worden doorgegeven voor een vak wordt nu het hoogste cijfer gekozen (als eerste gekeken naar het totaalcijfer, dan het ce cijfer, dan het ie cijfer). Bij de aanwezigheid van meerdere diploma’s wordt het hoofddiploma gekozen. Dit is ook doorgevoerd voor eerdere jaren, waardoor de cijfers niet 100% overeenkomen met de eerder gepubliceerde gegevensbestanden in het kader van de Regeling Kwaliteitsafspraken.
Door de overgangsperiode van de oude naar de nieuwe rekenregels verandert de groep studenten waarop de gegevens gebaseerd zijn. Steeds meer studenten studeren af onder de nieuwe rekenregels. In 2024/2025 viel 96% van de niveau 2-gediplomeerden onder de nieuwe regels (t.o.v. 81% een jaar eerder). Bij niveau 3-gediplomeerden was dat 79% (t.o.v. 28% een jaar eerder) en bij niveau 4-studenten 63% (t.o.v. 13% een jaar eerder).
Kwaliteit van de gegevens:
Het betreft het aantal gediplomeerden waarvan de geregistreerde examengegevens koppelbaar zijn met de 1cijfer-diplomabestanden van DUO. Dit aantal komt niet noodzakelijkerwijs overeen met het werkelijk aantal gediplomeerden, zoals elders gepubliceerd. Daarbovenop is geconstateerd dat bij enkele instellingen de koppeling tussen examengegevens en de 1cijferdiplomabestanden soms niet te maken is. Deze gegevens ontbreken dan ook in de tabel.
Status van de cijfers:
De cijfers over het meest recente verslagjaar zijn voorlopig. De overige cijfers zijn definitief.
Data beschikbaar in: Jaarlijks in maart/april
Gepubliceerd in het CMS: 9 april 2026
Gediplomeerde mbo-studenten die het getoetste examenniveau rekenen (eindcijfer) hebben gehaald onder de nieuwe regels naar opleidingsniveau en examenniveau
procenten
Het aandeel gediplomeerden met een voldoende voor het getoetste rekenniveau ligt in 2024/2025 voor alle opleidings- en rekenniveaus tussen de 86 en 95%. Het is nog niet goed mogelijk om iets te zeggen over de ontwikkeling van het aandeel gediplomeerden met een voldoende over de afgelopen jaren, omdat dit aandeel op een veranderende groep studenten gebaseerd is. Vanaf het diplomajaar 2025/2026 vallen bijna alle niveau 2- en 3-gediplomeerden onder de nieuwe rekenregels.
| opleidingsrichting en examenniveau | 2022-2023 | 2023-2024 | 2024-2025* |
|---|---|---|---|
| niveau 2 - RN 2 | 90% | 88% | 87% |
| niveau 2 - RN 3 | 96% | 93% | 93% |
| niveau 3 - RN 3 | 94% | 88% | 86% |
| niveau 2 - RN 4 | 92% | 98% | 95% |
| niveau 3 - RN 4 | 98% | 95% | |
| niveau 4 - RN 4 | 95% | 93% | 91% |
Bron: Kwaliteitsafspraken 2024-2027 / levering 2026 - DUO Open Onderwijsdat
Definitie:
Het aantal studenten dat voor Rekenen een 5,5 of hoger heeft of een vrijstelling heeft op grond van een vooropleiding buiten het mbo, ten opzichte van het totaal aantal gediplomeerde studenten.
Vanaf 2024 is er voor gekozen om niet meer random te ontdubbelen. Als er meerdere cijfers worden doorgegeven voor een vak wordt nu het hoogste cijfer gekozen (als eerste gekeken naar het totaalcijfer, dan het ce cijfer, dan het ie cijfer). Bij de aanwezigheid van meerdere diploma’s wordt het hoofddiploma gekozen. Dit is ook doorgevoerd voor eerdere jaren, waardoor de cijfers niet 100% overeenkomen met de eerder gepubliceerde gegevensbestanden in het kader van de Regeling Kwaliteitsafspraken.
Door de overgangsperiode van de oude naar de nieuwe rekenregels verandert de groep studenten waarop de gegevens gebaseerd zijn. Steeds meer studenten studeren af onder de nieuwe rekenregels. In 2024/2025 viel 96% van de niveau 2-gediplomeerden onder de nieuwe regels (t.o.v. 81% een jaar eerder). Bij niveau 3-gediplomeerden was dat 79% (t.o.v. 28% een jaar eerder) en bij niveau 4-studenten 63% (t.o.v. 13% een jaar eerder).
Kwaliteit van de gegevens:
Het betreft het aantal gediplomeerden waarvan de geregistreerde examengegevens koppelbaar zijn met de 1cijfer-diplomabestanden van DUO. Dit aantal komt niet noodzakelijkerwijs overeen met het werkelijk aantal gediplomeerden, zoals elders gepubliceerd. Daarbovenop is geconstateerd dat bij enkele instellingen de koppeling tussen examengegevens en de 1cijferdiplomabestanden soms niet te maken is. Deze gegevens ontbreken dan ook in de tabel.
Status van de cijfers:
De cijfers over het meest recente verslagjaar zijn voorlopig. De overige cijfers zijn definitief.
Data beschikbaar in: Jaarlijks in maart/april
Gepubliceerd in het CMS: 9 april 2026