Nederlandse onderwijsuitgaven volgens OCW en OESO

De onderwijsstelsels van landen verschillen in opzet en de manier waarop ze bekostigd worden. Om toch te kunnen vergelijken zijn in internationaal verband definities en indicatoren afgesproken die voor zo eenduidig mogelijke informatie moeten zorgen. Het CBS levert de gegevens over het Nederlandse onderwijs aan de OESO, UNESCO en Eurostat. De OESO en Eurostat publiceren onder andere de indicatoren ‘Uitgaven aan onderwijsinstellingen’ en ‘Overheidsuitgaven aan onderwijs’. 

Het CBS heeft een overzicht samengesteld dat de aansluiting laat zien tussen de uitgaven voor onderwijs van het ministerie van OCW en de totale onderwijsuitgaven van Nederland volgens de OESO. Deze zogenaamde aansluittabel staat hieronder afgebeeld. Voor de aansluittabel voor de jaren 1995 t/m 2020 zie het bestand onderaan, onder 'Documenten'.

Nationale onderwijsuitgaven Aansluittabel OCW-OESO

Nationale onderwijsuitgaven Aansluittabel OCW-OESO mln euro
201520162017201820192020
Totaal uitgaven OCW363503869638053423274307544462
Totaal ontvangsten OCW130213181339136913981519
Gesaldeerde uitgaven OCW355293783337169413594209743099
Uitgaven Cultuur-1597-1834-1735-1835-2017-2462
Uitgaven Wetenschap-1049-1053-1046-1229-1265-1162
OCW onderwijsuitgaven328833494634388382953881539475
Aanpassing OCW onderwijsuitgaven aan OESO-definitie-3911559414
A) OCW onderwijsuitgaven volgens OESO328453494734389383003887439889
Onderwijsuitgaven andere ministeries204320452066129814111364
B) Rijksuitgaven aan onderwijs348883699236455395984028541253
Onderwijsuitgaven lagere overheden (netto)201518221745187016671767
C) Overheidsuitgaven aan onderwijs369033881438200414684195243020
Uitgaven huishoudens aan onderwijsinstellingen306631273306331033553354
Uitgaven bedrijven aan onderwijsinstellingen339733993734405943844487
Uitgaven buitenland aan onderwijsinstellingen404400446465479492
D) Private uitgaven aan onderwijsinstellingen686669267485783482198333
E) Consolidatie-475-471-479-529-594-483
Totale onderwijsuitgaven volgens OESO (C, D en E)432944526945206487734957750871
waarvan aan onderwijsinstellingen388583934740561424574417145558
CBS - OCW Brontabel als csv (1 kB)

Publieke onderwijsuitgaven

De aansluittabel begint met de uitgaven van OCW zoals ze in het jaarverslag aan het parlement worden verantwoord. Daarop volgen de aanpassingen op de uitgaven van OCW die nodig zijn om aan te sluiten op de internationale definities voor onderwijsstatistieken van de OESO.

De OCW-uitgaven voor onderwijs gaan voor het grootste deel direct naar onderwijsinstellingen. Daarnaast gaan er middelen naar huishoudens (vooral studiefinanciering) en gemeenten. Ook andere ministeries dragen bij aan het totaal van de onderwijsuitgaven. De ministeries van EZK (Economische Zaken en Klimaat) en VWS (Volksgezondheid, Welzijn en Sport) bekostigen agrarische of zorgopleidingen en ministeries stellen subsidies en fiscale regelingen beschikbaar aan bedrijven als deze stageplaatsen of leerwerkplekken beschikbaar stellen.

Lagere overheden (vooral gemeenten) geven meer uit aan onderwijs dan ze van de ministeries ontvangen. Gemeenten zijn onder andere verantwoordelijk voor voorschoolse educatie, leerlingenvervoer en de huisvesting van scholen in het basisonderwijs, voortgezet onderwijs en speciaal onderwijs.

Private onderwijsuitgaven

Volgens de definities van de OESO worden bij de bepaling van de totale onderwijsuitgaven alleen de private uitgaven aan onderwijsinstellingen meegenomen. Private onderwijsuitgaven anders dan aan onderwijsinstellingen worden buiten beschouwing gelaten. Huishoudens, bedrijven en organisaties in het buitenland zijn samen de private sector. Huishoudens hebben uitgaven aan onderwijsinstellingen voor les- en collegegelden, ouderbijdragen en schoolactiviteiten. Bedrijven hebben uitgaven voor de begeleiding van studenten die leren en werken tegelijk (duale studenten).  Zowel bedrijven als organisaties in het buitenland geven geld uit aan contractonderzoek dat zij door Nederlandse universiteiten en hogescholen laten uitvoeren.

Totale uitgaven voor onderwijs

De totale onderwijsuitgaven zijn dan de publieke en private uitgaven aan onderwijsinstellingen en de publieke uitgaven aan huishoudens en bedrijven. Dubbeltellingen van bepaalde geldstromen in de totale onderwijsuitgaven worden voorkomen met behulp van de post ‘Consolidatie’.