De R&D-uitgaven kunnen uitgedrukt worden als % van het bruto binnenlands product (BBP) om zo het belang ervan in de economie aan te geven, onderverdeeld naar vier financiers.

R&D-uitgaven in Nederland naar financieringsbron, in % BBP
BuitenlandOverig nationaalOverheidBedrijven
19990,20,080,60,91
2000
20010,190,070,620,88
2002
20030,190,060,640,85
2004
20050,220,070,610,84
2006
20070,180,060,570,83
2008
20090,180,070,590,76
2010
20110,220,070,650,97
20120,240,070,631,01
20130,240,070,661,01
20140,250,060,661,02
20150,310,050,660,97
20160,280,050,631,04
20170,280,050,621,04

Hoewel de financiering vanuit alle bronnen een duidelijke toename laat zien vanaf 1990, is de toename van de financiering door bedrijven sterker dan bij de overheid. De toename vanuit het buitenland is relatief het grootste, maar dat heeft ook te maken met het lage absolute niveau in 1990.

Bedrijven financieren ongeveer de helft van de in Nederland uitgevoerde R&D. Het aandeel van de overheid daalt van bijna de helft in 1990 tot ongeveer een derde vanaf 2012. Het aandeel van het buitenland neemt toe in de jaren negentig, en schommelt vanaf 1997 tussen 10 en 13 procent. Na een stijging in recente jaren tot 16 procent in 2016, daalt het aandeel in 2017 naar 14 procent.

CBS Brontabel als csv (445 bytes)