Internationale onderwijspositie van Nederland

De internationale onderwijspositie van Nederland is samengevat in onderstaande figuur door middel van een 15-tal prestatie-indicatoren.

Nederland presteert internationaal bovengemiddeld

In de afgelopen jaren is op een aantal beleidsterreinen een positieve ontwikkeling waar te nemen. Zo is het percentage voortijdig schoolverlaters in Nederland fors afgenomen, mede als gevolg van intensief beleid. Ook is het aandeel hoger opgeleiden toegenomen en nam het percentage jongeren met een startkwalificatie ook toe. Dit zien we terug in de internationale onderwijspositie van Nederland.

Op vrijwel alle onderscheiden prestatie-indicatoren scoort Nederland (ruim) boven het internationaal gemiddelde. Dit geldt echter niet voor het aandeel bètatechnici, zowel bachelor als master.   

Gegevens in het figuur

Een punt buiten de ring ‘internationaal gemiddelde’  betekent dat Nederland het beter doet dan gemiddeld internationaal,  een punt daarbinnen betekent een score onder het internationaal gemiddelde. De waarde per indicator is omgerekend om de indicatoren onderling vergelijkbaar te maken. Onderaan de pagina vindt u een document met de gemeten waarden per indicator en per land.

Internationale onderwijspositie van Nederland
Nederlandse scoreInternationale gemiddeldeNummer 5 in ranking
Lezen (9-10j)53,45055,4
Rekenen (9-10j)52,55058,7
Natuuronderwijs (9-10j)515055
% lage leesvaardigheid (15 jaar)555067,9
% lage wiskundevaardigheid (15 jaar)64,35069,2
% lage vaardigheid in natuurwetenschappen (15 jaar)56,45066
% hoge leesvaardigheid (15 jaar)65,75075,3
% hoge wiskunde vaardigheid (15 jaar)72,45072,4
% hoge vaardigheid in natuurwetenschappen (15 jaar)72,15080,5
VSV: % geen onderwijs, geen startkwalificatie (18-24j)65,65077,4
% tertiair onderwijs diploma (30-34j)60,75060,7
LLL: % deelname aan scholing (25-64j)865086
Afgestudeerde beta's (bachelor) (20-29j)34,35068,2
Afgestudeerde beta's (master) (20-29j)29,55058,3
% met startkwalificatie (20-24j)49,45054,8

Internationaal gemiddelde

De landen waarmee wordt vergeleken hangen bij iedere indicator af van de bron. Voor EU-indicatoren van Eurostat wordt bijvoorbeeld alleen vergeleken met het EU-28 gemiddelde, bij een OESO-indicator wordt vergeleken met de OESO-landen.

Gegevens in een tabel

De waarden per indicator zijn omgerekend om de indicatoren onderling vergelijkbaar te maken. De gemeten waarden per indicator en per land zijn in het document onderaan de pagina te vinden.

Bron: PISA, PIRLS, TIMMS, Eurostat; bewerking OCW. Brontabel als csv (807 bytes)

Zie ook