Ontwikkeling aantal bezoeken naar sector

Ontwikkeling aantal bezoeken naar sector, 2009-2016 Indexcijfers: 2009=100
Bioscoop/filmtheaterFilmfestivals (BIS+NFF)Gezelschappen (BIS+FPK)VSCD-podiaVNPF-podiaMuseaBIS museaBeeldende kunst museaVrije theaterproducentenPresentatie-instellingen
2009100100100100100100100100
2010103108989697101,5104109,5
20111121001089599103108119
20121121001038696112130,5130,5100100
20131131161058693121153142106132
201411311711183100127164,5153121151
201512111911490104133176164122152
201612512911390111142181189123178

In de meeste sectoren neemt het bezoek tussen 2009 en 2016 toe, dat is te zien in bovenstaande figuur. Een uitgebreide beschrijving van de ontwikkeling van het aantal bezoeken per sector is terug te vinden in de monitor economische ontwikkelingen in de cultuursector.

In de museale wereld is de groei van het aantal bezoeken zeer sterk. De toename is het grootst voor de beeldende kunst musea (+89 procent), maar ook de rijksgesubsidieerde musea hebben een forse toename in het aantal bezoeken gerealiseerd (+81 procent). De groei wordt onder andere verklaard door de heropening van het Rijksmuseum, het Van Gogh Museum en het Mauritshuis. Buiten dit effect is er sprake van een autonome groei van het aantal bezoeken, mede door de forse toename van het aantal buitenlandse bezoeken. Van de presentatie-instellingen beschikken we over gegevens vanaf 2012. Het gaat om presentatie-instellingen die subsidie krijgen van het ministerie van OCW, het Mondriaan Fonds of een gemeente. Ook hier is er sprake van een sterke groei in het aantal bezoeken (+78 procent). Deze grote stijging komt voor een groot deel door twee presentatie-instellingen; bij deze instellingen zijn veel bezoeken gerelateerd aan activiteiten in de openbare ruimte.

In de filmsector neemt zowel het bezoek aan de rijksgesubsidieerde filmfestivals als aan bioscopen toe. Ook bij de poppodia neemt het bezoek toe. De toename is groter dan de groei van het aanbod. De groei in het aantal bezoeken komt uitsluitend door een toename die in 2014 is ingezet; ten tijde van de economische crisis was juist sprake van een daling van het bezoek. Ook het gemiddeld aantal bezoeken per muziekactiviteit groeit. Mogelijke oorzaken hiervoor zijn schaalvergroting bij een aantal poppodia en de neiging van podia om, bij dalende inkomsten, meer bekende namen te programmeren.

Bij de gezelschappen (gesubsidieerd en niet gesubsidieerd) en de VSCD podia neemt het bezoek per uitvoering af. Bij de gezelschappen groeit het aantal bezoeken wel, maar niet zo sterk als het aantal uitvoeringen. Dit geldt zowel voor de vrije theaterproducenten als voor de rijksgesubsidieerde gezelschappen. Dit kan komen doordat deze gezelschappen minder vaak in de grote zaal spelen, de zalen minder vol zitten of door het vaker spelen van uitvoeringen op alternatieve locaties met een kleiner capaciteit. Het bezoek aan schouwburgen en concertzalen (aangesloten bij de VSCD) neemt tussen 2009 en 2016 af. 

Dialogic/APE Brontabel als csv (535 bytes)